Sterallures zijn Rita Verdonk naar het hoofd gestegen, zeggen mensen die haar de afgelopen jaren van dichtbij meemaakten. Uitbundige lof van bewonderaars maakte haar doof voor kritiek van politieke tegenstanders.
Sommige politici dromen van een carrière als groot en belangrijk staatsman, anderen van een veilig, schoon en rijk Nederland. Rita Verdonk droomde van een mooie jurk. Ze verklapte het aan iemand uit haar kring van vertrouwelingen: wat zou het toch geweldig zijn om in een baljurk een zaal vol mensen binnen te komen, die dan allemaal vol bewondering naar haar op zouden kijken: Rita, wat zie je er toch prachtig uit!
Haar ontboezeming werd doorgefluisterd op het departement. Als Verdonk vol ornaat op het televisiescherm schittert om weer een plan te lanceren, verzuchten haar ambtenaren: ze heeft weer last van het mooie-jurkjessyndroom. Verdonk, weten zij inmiddels, heeft de smaak van roem geproefd en die is haar goed bevallen.
De transformatie van de onbekende sociologe die in 2003 onwennig de zware portefeuille vreemdelingenzaken en integratie op zich nam, naar de gestylde diva die het leiderschap van de VVD opeiste, is opmerkelijk. Toen bekend werd dat niet Mark Rutte, maar zÝj met 620.555 voorkeurstemmen de populairste liberaal was, straalde ze alsof ze tot premier was gekozen.
Rita, zeggen mensen in haar omgeving, is in zichzelf gaan geloven. Zozeer, dat zij doof is geworden voor kritiek en volstrekt haar eigen gang gaat. ,,Het schijnt niet tot de minister door te dringen dat niet zÝj, maar de Tweede Kamer de baas is'', verwoordde SP'er Jan de Wit het dinsdagnacht, tijdens het debat over het generaal pardon.
Alexander Pechtold zat vijftien maanden samen met Verdonk in het kabinet en zag het gebeuren. ,,Ze omringde zich steeds meer met mensen die haar naar de mond praten. Dat gekoketteer met lunches met Marco Pastors dit voorjaar, breed uitgemeten in de kranten. Dat soort dingen geeft haar een gevoel van kracht, daar geniet ze van.'' Ook het rondrijden in een gepanserde auto met vier lijfwachten ervaart ze als egostrelend, vermoedt Pechtold. ,,Het hangt tegen het sterrendom aan.''
Verdonk laat zich graag bijstaan door stoere mannen, zegt een ambtenaar uit haar omgeving. Mannen die tegen haar zeggen dat ze het 'fßn-tßs-tisch' doet, die haar rechtdoorzee-benadering toejuichen. Zoals de Amsterdamse VVD-baron Ed Sinke en politiek strateeg Kay van de Linde, campagneleiders tijdens de verkiezingen voor het VVD-lijsttrekkerschap.
Van de Linde noemt haar ook nu 'absoluut een grote politieke belofte'. ,,Rita is een prachtig politicus, het soort waar iedereen om roept'', zegt hij daags na het debat over het pardon. ,,Haar optreden was niet schadelijk, in tegendeel. De enige die principieel bleef, is Rita. Dat is haar kracht. Mijn devies: vechten voor je principes, geen compromissen sluiten. Dat tast je geloofwaardigheid aan.'' Van de Linde spreekt haar nog geregeld. ,,Ze vraagt wel eens: Kay, hoe zou jij dat doen?''
Arno Visser noemt de invloed van de raadgevers 'kwalijk'. De voormalig VVD-asielwoordvoerder leerde Verdonk kennen toen beiden voor consultantbureau KPMG werkten. ,,Ze is niet met beide benen op de grond blijven staan. Ze is hard toegejuicht, maar een mens moet zijn tekorten kennen.'' Visser heeft zich verbaasd over haar pretenties. ,,Na drie jaar in de politiek denkt ze alles te kunnen. Ik heb wel wat bescheidenheid gemist, ja. De houding van een leider is er wel, maar de inhoud niet.''
Niet alleen de oppositiepartijen, maar ook haar collega-ministers hadden een harde dobber aan haar. ,,Er is weinig weerstand tegen haar optreden'', is de ervaring van oud-minister Pechtold. ,,Ze houdt niet alleen de VVD, maar ook het kabinet in gijzeling. De bewindslieden worden geregeerd door angst voor de kiezers. Zij staat voor iets, voor populisme van het zuiverste soort. Daar durven ze niet tegenop.''
Marco Pastors, fractieleider van Leefbaar Rotterdam, ziet het anders: ,,Ze heeft optimaal gebruik gemaakt van de rechtse meerderheid die er tot de verkiezingen was. Maar dat betekent dat je het haasje bent zodra die meerderheid verdwijnt. Dat had ze helaas niet snel door. Ze opereert niet altijd even intelligent.''
Inhoudelijk valt ze steeds door de mand, meent ook Pechtold. ,,Dan zegt ze: er ligt een boek van Thorbecke op mijn nachtkastje, maar Thorbecke heeft nooit een boek geschreven. Het is alleen maar lawaai, geen oplossingen. Nul komma niks.''
KADER:
Sinds haar aantreden kreeg minister Rita Verdonk vier maal een motie van afkeuring van de Kamer. Driemaal bleef een meerderheid achter haar beleid staan. De vierde keer, dinsdag, ging het mis.
In december 2005 informeerde Verdonk de Kamer onjuist over Congolese asielzoekers. Vier maanden later overleefde ze een motie van afkeuring nadat ze de fracties verkeerd inlichtte over Syrische ex-asielzoekers. In juni vond een minderheid dat Verdonk fout had gehandeld bij de naturalisatieproblemen van Ayaan Hirsi Ali. Die motie leidde tot het vertrek van de D66-ministers, omdat die coalitiepartij de motie van de oppostie steunde. In de laatste motie werd Verdonks vertrek geÙist omdat zij weigerde de uitzetting van uitgeprocedeerde asielzoekers op te schorten. Het kostte haar de portefeuille vreemdelingenzaken.
14 december 2006
Het jurkjessyndroom van Rita Verdonk
13 juni 2005
Mohammed Sidali's mooie dag
Berkane, Marokko - Mohammed Sidali (72) heeft het er op zitten. Vanaf 1966 tot een jaar of wat geleden werkte de goedgemutste Marokkaan in de metaalbewerking, in Bergen op Zoom, en als maatschappelijk werker. Nu woont hij een groot deel van het jaar in zijn pas afgebouwde huis in Berkane, Noord-Marokko. Een fijn klimaat, en hij kan er dagelijks op bezoek bij zijn moedertje, die de honderd nadert.
Maar zijn zes kinderen zijn opgegroeid in Nederland, en terug naar Marokko willen ze niet. Dus pendelt Sidali een paar keer per jaar op en neer naar zijn tweede vaderland. Maar dat verrekte visum dat hij steeds moet kopen in de hoofdstad Rabat, op acht uur rijden afstand, kost hem 200 dirham per keer, plus de reis naar de Nederlandse ambassade. Vierhonderd euro armer zit hij dan nog niet eens in het vliegtuig naar Schiphol.
Op de binnenplaats van een oude rooms-katholieke kerk doet Mohammed Sidali zijn beklag bij Rita Verdonk. De minister van Vreemdelingenzaken heeft tijdens haar drukke werkbezoek aan Marokko een uurtje gevonden om te praten met gastarbeiders die teruggingen naar hun vaderland. Als voorzitter van de Nederlandse migrantenvereniging El Feth somt Mohammed de problemen op waar hij, en met hem circa tienduizend lotgenoten, tegenaan lopen.
Bovenaan hun lijstje: de herkeuringen in de WAO, met stip gevolgd door de dure visa. Hoopvol kijken ze naar Verdonk, die door haar gastheren is neergezet in een zitje op een mooi Berbers tapijt. De minister geeft geen krimp. De herkeuringen voor arbeidsongeschikten gelden voor iedereen, dus ook voor mensen in Marokko, zegt ze. ,,Ik ga u geen mooie beloften doen.'' Ook Mohammeds voorstel om een pasje te maken waarmee remigranten simpel een visum kunnen krijgen, valt in dorre grond. Verdonk stellig: ,,Een makkelijk pasje is makkelijk na te maken, daar beginnen we dus niet aan.''
Veel remigranten hebben het moeilijk na hun terugkeer, zegt Najib Bachiri. Het Marokko dat zij in de jaren zestig achter zich lieten, bestaat niet meer. Vrouwen hebben hun sluier afgedaan, ezeltjes zijn vervangen door auto's, het leven is haastiger. Soms worden ze eenzaam en missen ze hun kinderen. ,,Ze weten niet of ze hier moeten blijven met het risico dat ze hun uitkering verliezen, of teruggaan en nog meer lijden.''
Bachiri helpt hen voor de tweede keer te integreren, in hun nieuwe oude vaderland. Ook Mohammed Amghar helpt hij wel eens een handje. De 52-jarige wao'er werkte ooit bij frisdrankfabriek Raak, maar verloor bij een ongeluk een deel van zijn gezichtsvermogen. Al 22 jaar leeft hij nu van een uitkering, en dat bevalt hem best. Tegenwoordig woont hij weer in zijn geboortestad, en afgezien van zijn lichamelijk gebrek is hij tevreden.
Wat doet u zoals de hele dag in Berkane, wil Verdonk van hem weten.
Niks, zegt hij. Niks? Ze kijkt ongelovig. Nee niks.
op
15:15
Labels: AD, Integratie, Verdonk
25 april 2005
Ali Sari heeft het helemaal gemaakt
Serefligökgözü – Ali Sari was de eerste uit het dorp die ging. Met één koffer bagage trok hij in 1965 per bus richting Ankara, richting Holland. Nu bezit hij in Serefligökgözü een fraaie roze villa met schotelantenne en een stevig hek erom heen, zes kinderen, dertien kleinkinderen, een flat in de Turkse hoofdstad en een woning in Amsterdam-Noord.
En dat niet alleen: het halve dorp woont inmiddels in Amsterdam, broers, ooms, neven, aangetrouwde nichten, de buurman, noem maar op. Ze richtten er met z’n allen een welzijnsvereniging op, en een sportclub, Sereflispor.
Ali lacht naar Rita Verdonk, die tegenover hem zit in het dorpshuis van Serefligökgözü ,,Niet slecht hè?’’, vraagt hij rhetorisch. Niet slecht, antwoordt zij. ,,U heeft het helemaal gemaakt.’’
Het dorpshuis is nog in aanbouw, alleen een portret van een minzaam lachende Kemal Atatürk hangt al aan de muur. Straks kunnen hier feesten worden gevierd en er valt wel wat te vieren, want het beter met het plaatsje. Vroeger was het arm als de mieren, nu laten tientallen ‘Nederturken’ er een woning bouwen, voor de vakantie of voor het pensioen. Bewoners schatten dat migranten alleen de laatste twee jaar al één miljoen euro’s hebben geïnvesteerd. Allemaal hebben zij de vruchten geplukt van het wervingsverdrag dat Nederland precies veertig jaar geleden met Turkije sloot om arbeidskrachten te ronselen.
Maar Verdonk is er niet om de succesverhalen te horen. Iederéén uit het dorp wil naar Nederland, en dat bevalt haar maar matig. ,,Wat denkt u dat u uw vrouw daar kunt bieden?’’, vraagt ze aan de 19-jarige Ahmet, die zijn echtgenote uit Ankara hun kind binnenkort wil laten overkomen naar Nederland. Ahmet heeft zijn ivbo (?) niet afgemaakt, en doet thuis in Holland klusjes in de winkel van zijn 4 broers en 2 zussen. ,,Waar moeten jullie van leven?’’
Ze kijkt zorgelijk. Verdonk wil de stroom aan allochtonen die als gezinshereniger naar Nederland komen, inperken. Vanaf 1 november gelden veel strengere eisen. Mensen moeten 120 procent van het minimumloon verdienen, 21 jaar zijn en bovendien eerst een taalexamen halen. Ahmets vrouw heeft nog geen woord Nederlands geleerd. Hij had een boek voor haar mee willen nemen naar Turkije, maar dat ‘vergeet hij steeds’.
Hoewel Verdonk het niet graag wil horen, heeft Ahmet alle reden om naar Nederland te gaan.
In Serefligökgözü is namelijk elf maanden per jaar niks te doen. Als de vakantiegangers vertrokken zijn, is het een dooie boel. De achterblijvers hangen bij elkaar tegen een schuurtje, sloffen door de onverharde straten, af en toe prikt een kip in de mest. Wanneer de muzzaheddin oproept tot het middaggebed in de kleine moskee, komt hooguit een tiental mensen opdraven. De bewoners hebben weinig interesse voor zijn religieuze boodschap.
Er is één minimarkt, en een schooltje. ,,Beetje op het land werken, tv kijken en heel vroeg naar bed’’, vat Hakki Sari het dagelijkse leven samen. Tien jaar werkte hij illegaal in Nederland, in de horeca, en nu is ook hij terug. Werkloos. Binnenkort probeert hij opnieuw aan de bak te komen, in Amsterdam uiteraard en ja, illegaal.
In de vakantiewoning van Ali Sari komt koffie op tafel, met completa. Ali’s vrouw Hatice staat in de keuken, een enorme, vriendelijke vrouw gekleed in grote gewaden en een hoofddoek op. Ook zij woont al meer dan twintig jaar in Amsterdam-Noord, maar er komt geen woord Nederlands over haar lippen. Haar kleinkinderen verstaat ze niet. Leren gaat niet meer, zegt ze. Te oud.
Dat woord wil Verdonk niet horen. Iedereen moet Nederlands leren spreken, vindt ze, en vooral moeders. ,,Ik ken heel wat vrouwen van uw leeftijd die een beetje handwerken en tegelijkertijd Nederlands leren, hoor’’, zegt ze licht bestraffend. Ze zit ingeklemd tussen twee bejaarde schoonzussen op de bank. De schoonzussen knikken. Eén van hen zou niets liever willen. Haar hele leven woont zij in Serefligökgözü en haar halve leven hoort ze al verhalen over Nederland. Maar de migratiepapieren liggen ver buiten haar bereik. Bij het afscheid fluistert ze: ,,Wil je me meenemen?’’
op
16:31
Labels: AD, Integratie, Verdonk